Hoe behandel je diabetes?

Diabetes wordt behandeld door ervoor te zorgen dat een diabetespatiënt normale bloedglucosewaarden heeft. Zo voorkomt men complicaties op lange en korte termijn. Een diabetespatiënt regelt zijn bloedglucosewaarden door te zorgen voor een goede verhouding tussen voeding (doet de waarden stijgen), medicatie en/of insuline (doet de waarden dalen) en beweging (doet de waarden dalen). Stress, groei, ziekte,… kunnen de bloedglucosewaarden ook doen dalen.

Diabetici moeten hun glucosegehalte regelmatig controleren. Dit doen ze door een druppeltje bloed te prikken (meestal in een vingertop) en dit bloed te meten met een bloedglucosemeter. Zo kunnen ze zien of hun glucosegehalte te hoog (hyperglycemie), te laag (hypoglycemie) of normaal is.

De behandeling van diabetes type 1 en type 2 verschilt. Bij diabetes type 1 bestaat de behandeling uit het toedienen van insuline via een insulinepen of -pomp. Insuline in pilvorm is ook mogelijk.

Diabetes type 2 doet zich meestal voor bij personen met overgewicht. Daarom wordt hen ten zeerste aangeraden om gewicht te verliezen. Een gewichtsverlies van 5 % kan soms al voldoende zijn om de insulineresistentie te verminderen. Vervolgens krijgen de patiëntenvaak antibiotica toegediend die de alvleesklier moet stimuleren om meer insuline te maken. Deze medicatie maakt de cellen ook gevoeliger voor insuline. Pas als dit niet meer volstaat om de bloedsuikerspiegel te controleren, zal er insuline worden toegediend.

Tags , , , ,

Welke diabetestypes bestaan er?

Naast zwangerschapsdiabetes zijn er nog twee andere types van diabetes namelijk diabetes type 1 en diabetes type 2.

Diabetes type 1

Bij dit type diabetes produceren de eilandjes van Langerhans in de alvleesklier geen insuline omdat het eigen immuunsysteem de cellen aanvalt en vernietigt. Dit soort diabetes kan op eender welke leeftijd ontstaan maar doet zich meestal rond de puberteit voor. Zowel erfelijke als externe (bv. vetzucht) factoren kunnen de oorzaak zijn van diabetes type 1.

Symptomen:

• Dorst
• Veel urineren
• Hongergevoel
• Gewichtsverlies
• Wazig zicht

Diabetes type 2

De alvleesklier produceert wel insuline maar in dit geval is er een probleem met de gevoeligheid (resistentie) van het lichaam voor insuline. Het lichaam moet dus extra insuline aanmaken om de bloedglucose te verlagen. Omdat er dan sprake is van een overproductie van insuline, kan de productie stilvallen of verminderen. Dit soort diabetes doet zich vooral voor op oudere leeftijd en meestal bij personen met overgewicht.

Symptomen:

• Vermoeidheid
• Dorst
• Veel urineren
• Misselijkheid
• Gevoelig voor infecties
• Wonden genezen traag

Tags , , , ,

Op reis als diabetespatiënt

Als je diabetes hebt, wil dat niet zeggen dat je thuis moet blijven. Je moet je wel goed voorbereiden en een zekere discipline en regelmaat in acht nemen.

Zorg voor een goede voorbereiding

Zorg ervoor dat je een voldoende voorraad insuline meeneemt. Neem ook de nodige reserverecepten mee. Best kan je de medicijnen over de bagage van jezelf en die van je reisgenoten verdelen zodat bij diefstal van een koffer of tas je nog een deel medicijnen over hebt waarmee je voorlopig verder kan.

Eventueel kan je aan je verblijfplaats op voorhand de nodige dieetwensen doorgeven zodat ze hier rekening mee kunnen houden. Vraag advies aan je huisarts over hoe je je medicijnen kan aanpassen aan de tijdsverschillen. Laat je arts ook een attest in verschillende talen opmaken waarmee je kan duidelijk maken dat je diabetespatiënt bent. Zo kan je op de luchthaven bijvoorbeeld ook bewijzen dat je bepaalde medicatie en spuiten aan boord van het vliegtuig moet meenemen.

De reis

Als je met het vliegtuig op reis gaat, is het belangrijk dat je je insuline niet in de koffer steekt die in het bagageruim van het vliegtuig wordt vervoerd. De temperatuur kan hier tijdens de reis dalen tot ver onder het vriespunt. Als insuline eenmaal bevroren is geweest, kan je het niet meer gebruiken.

Zorg dat je de nodige medicatie (insuline, injectiemateriaal, druivensuiker,…) bij de hand hebt zodat je je behandeling ook tijdens de reis kan verderzetten.

Op bestemming

Bewaar je insuline zo koel mogelijk. Leg de insuline als het kan in de koelkast. Indien er geen koelkast aanwezig is, bewaar het dan in een koffer of in het nachtkasje. Bewaar de insuline zeker niet in de felle zon of in de auto. Neem als je een uitstap maakt voldoende proviand en druivensuiker mee voor tussen de maaltijden .

Blijf ook tijdens je vakantie dezelfde gewoontes aanhouden als thuis: regelmatig eten, letten op wat je eet, matig met alcohol,… Op vakantie is het soms verleidelijk om je eens helemaal te laten gaan. Bewaar ook hier de nodige regelmaat en discipline ten opzicht van je behandeling.

Tags , , ,

Wat is zwangerschapsdiabetes?

Zwangerschapsdiabetes treedt op bij 1 tot 2 % van alle zwangere vrouwen. Je eigen insulinevoorziening schiet tijdens de zwangerschap tekort waardoor er een diabetes type II ontstaat. Dit doet zich meestal voor vanaf de tweede helft van de zwangerschap.

Vaak merkt de toekomstige moeder niet dat ze aan deze aandoening lijdt. Daarom is het belangrijk dat er rond de 25ste week van de zwangerschap een test wordt gedaan. Zeker bij vrouwen met overgewicht of vrouwen die diabetici in de naaste familie hebben. Zwangerschapsdiabetes moet immers juist worden behandeld aangezien het complicaties met zich kan meebrengen, net zoals bij vrouwen die reeds diabetes hadden voordat ze zwanger werden.

Meestal verdwijnt de stoornis na de zwangerschap. Toch maakt de moeder een grote kans om tijdens een latere zwangerschap opnieuw zwangerschapdiabetes te ontwikkelen. Ook is er later, zonder zwanger te zijn, een grote kans om diabetes type II te ontwikkelen.

Tags ,

Gaan diabetes en alcohol samen?

Als je diabetespatiënt bent, wil dat niet zeggen dat je nooit een glaasje alcohol mag drinken. Zolang dit met mate gebeurt, is het vaak geen probleem.Toch moet je extra op je hoede zijn voor een hyper of hypo (te lage bloedglucose).

Vroeger, toen er nog adequate behandeling voor diabetes bestond, raadde men diabetici vaak aan om een glaasje wijn te drinken om hun suikergehalte te doen dalen. Deze behandeling is echter zeer risicovol en op de dag van vandaag zelfs volledig achterhaald.

Als je alcohol drinkt, gaat je lever eerst de alcohol in het bloed afbreken in plaats van extra glucose in het bloed te sturen. Hierdoor stijgt bij een diabetespatiënt de kans op een hypo of een te laag suikergehalte.

Als je dronken bent, zal je reactiesnelheid en je evenwichtsvermogen achteruit gaan. Hierdoor kan je als diabeet een hypo minder goed aanvoelen waardoor je ook niet tijdig kan ingrijpen.

Ook als je glucoseverlagende tabletten neemt, is het opletten geblazen. Alcohol kan de werking van deze tabletten versterken. Hierdoor daalt je glucosegehalte extra en kan er een hypo voorkomen.

Langs de andere kant zit er in alcoholische dranken vaak veel suiker. Hierdoor kan je bloedsuikergehalte weer stijgen. Belangrijk is dat je regelmatig je bloedsuikergehalte meet en goed let op wat je drinkt.

Ga daarom als diabetespatiënt verstandig om met alcohol. Bespreek met je arts wat kan en wat niet.

Tags ,

Welke complicaties kan diabetes veroorzaken op lange termijn?

Als je jarenlang lijdt aan een te hoog bloedsuikergehalte kan beschadiging van een aantal organen optreden. Daarom is het belangrijk dat diabetici hun bloedsuikerwaarde zo goed mogelijk regelen en onder controle houden. Hoe beter je de bloedglucosewaarden regelt, des te langer kan je mogelijke complicaties uitstellen.

Complicaties aan de ogen

Bij diabetici worden de bloedvaatjes in het netvlies van het oog dunner. Hierdoor kan er bloed uit de bloedvaatjes lekken en kunnen stukjes netvlies afsterven (retinopatie). Uiteindelijk kan je hierdoor blind worden. Het is belangrijk dat een diabeet zich regelmatig door een oogarts laat onderzoeken.

Complicaties aan de nieren

Er kunnen stoornissen in de bloedvaten van de nier optreden wat een nierafwijking kan veroorzaken (nefropatie). In het begin merkt de diabetespatiënt hier weinig van. Hoe langer deze stoornis blijft bestaan, hoe slechter de nieren hun functie kunnen uitoefenen. De nieren hebben een zuiverende functie. Ze verwijderen de afvalproducten uit ons lichaam. Als de nieren niet goed functioneren, is er uiteindelijk een nierdialyse nodig of in het ergste geval een niertransplantatie.

Complicaties aan de zenuwcellen

Een verhoogde bloedglucosespiegel zorgt ervoor dat het gehalte aan suiker in de zenuwcellen te hoog is. Daardoor kan de zenuwcel zijn opbouwstoffen onvoldoende transporteren. Hiernaast komen bij diabetici vaak dunne bloedvaatjes voor die de zenuw van zuurstof voorzien. Dit zorgt ervoor dat de zenuwcel niet optimaal kan functioneren wat een prikkelend en tintelend gevoel (voornamelijk in de voeten en handen) veroorzaakt.

Door een vermindering van de zenuwfunctie worden ook pijnprikkels minder goed waargenomen. Zo kan iemand bijvoorbeeld in een punaise trappen zonder dat hij of zij het merkt. Hierdoor kunnen wondjes en ontstekingen ontstaan zonder dat je het zelf merkt. Het is belangrijk dat een diabeet dagelijks zijn voeten inspecteert op verwondingen. Zo worden vervelende infecties en in extreme gevallen zelfs amputatie vermeden.

Aantasting van de grote bloedvaten

Diabetes kan je grote bloedvaten aantasten waardoor er slagaderverkalking kan optreden. De slagaders voorzien de weefsels van bloed, zuurstof en voedingsstoffen. Wanneer de slagaders vernauwen, onststaat er een grote kans op hartinfarct of hersentrombose.

Slagaderverkaling treedt meestal op bij ouderen maar kan bij diabetespatiënten vlugger en ook heviger optreden.

Tags ,

Diabetes bij kinderen

Als je als ouder ontdekt dat je kind diabetes heeft, komt dit vaak aan als een shock. Diabetes is immers een ziekte die een grote impact heeft, niet alleen op het leven van uw kind maar ook dat van de ouders.

Diabetes bij kinderen is vaak moeilijker om te controleren dan bij volwassenen. Dit komt doordat kinderen vaak een andere levenswijze hebben: ze slapen ’s nachts langer (wat een grotere kans op hypo kan betekenen), ze bewegen veel meer en zijn vaak moeilijke eters. Ook kunnen ze niet altijd duidelijk maken hoe ze zich precies voelen. Bovendien moeten kinderen nog veel groeien waardoor de insulinebehoefte kan veranderen.

Suikerziekte vereist een zeer regelmatig leven. Op tijd eten, op vaste tijdstippen de bloedglucose meten en meestal zeer consequent insuline toedienen vereist een grote discipline. Voor kinderen is het lang niet vanzelfsprekend om hier mee om te gaan.

Ook kan het voor kleine kinderen zeer eng zijn om insuline in te spuiten. Het is belangrijk dat je hier als ouder goed mee omgaat. Oefen eventueel met het inspuiten op een teddybeer. Leg je kind op een eenvoudige wijze uit waarom het belangrijk is dat dit gebeurt.

Ook bij jongeren is diabetes niet altijd even gemakkelijk om mee om te gaan. Een avondje onbezorgd stappen zit er bijvoorbeeld niet in. Er moet op regelmatige tijdstippen gegeten worden en er moet matig worden omgegaan met alcohol.

Het is belangrijk dat de omgeving van het kind goed wordt ingelicht (vriendjes, leerkrachten, familieleden,…). Zo kunnen ze te hulp schieten als het misgaat en kunnen ze het kind helpen om gedisciplineerd met de ziekte om te gaan.

Tags ,

Zwangerschap en diabetes

Diabetes is tegenwoordig geen belemmering meer om een kind op de wereld te zetten. Het is wel belangrijk dat de toekomstige moeder door deskundigen wordt begeleid.

In de eerste plaats is het belangrijk om je zwangerschap zorgvuldig te plannen. De suikerregulatie rond het tijdstip van de conceptie is enorm belangrijk. Hoe slechter de regulatie, hoe hoger de kans op een aangeboren aandoening bij het kind. Vooral de eerste maanden is een goede regulatie belangrijk. Er kunnen zich dan immers ernstige aandoeningen voordoen in de organen die juist tijdens die eerste maanden worden gevormd (voornamelijk ruggemerg, hersenen en hart).

Wanneer je als diabetespatiënt aan gezinsuitbreiding wil doen, kan je dit best op voorhand met je arts bespreken. Samen kan je de suikerregeling op punt stellen voordat de bevruchting gebeurt. Het extra risico neemt dan wel af, maar het is niet zeker dat het risico vanwege van de diabetes helemaal geweken is.

Na een goede planning is het ook van groot belang dat er een goede opvolging van de diabetes is tijdens de zwangerschap. Een te hoog suikergehalte kan aangeboren stoornissen zoals hartgebreken met zich meebrengen. Als het suikergehalte te hoog is vlak voor de geboorte, kan het kind eveneens met een te hoog suikergehalte worden geboren. Ook is er bij vrouwen met diabetes een verhoogde kans op een te groot en te zwaar kind (macrosomie). Dit leidt tot een hogere frequentie keizersneden bij diabetici.

Er wordt ten zeerste aangeraden aan vrouwen met diabetes om in het ziekenhuis te bevallen. Een continu toezicht is immers vereist. Ook tijdens de zwangerschap moet de bloedsuiker immers nauwkeurig in de gaten worden gehouden.

Kortom, door een goede begeleiding kunnen de extra’s risico’s die diabetes met zich mee brengt verminderd worden. Diabetes is dus geen reden om van een zwangerschap af te zien.

Tags ,

Wat is cholesterol?

Cholesterol behoort tot de groep van vetten, ook wel lipiden genoemd, en zorgt voor de bouw van lichaamscellen, de aanmaak van bepaalde hormonen en speelt een belangrijke rol in de spijsvertering. Dat maakt cholesterol een onmisbare stof in ons lichaam.

Cholesterol zit in dierlijk en plantaardig voedsel. Maar het grootste deel, ongeveer 70%, wordt aangemaakt door onze lever. Slechts 30% halen we uit ons voedsel.

Wanneer cholesterol in grote hoeveelheden voorkomt in ons lichaam is dit schadelijk. Het teveel aan cholesterol kan zich ophopen aan de binnenzijde van de wanden van onze bloedvaten. Dat kan ervoor zorgen dat onze bloedvaten gaan dichtslibben. Hierdoor kunnen de rode bloedlichamen, die de zuurstof vervoeren via onze bloedvaten, niet goed meer door. De organen, waaronder het hart, krijgen zo te weinig zuurstof. Zo ontstaat een ernstig risico op hart- en vaatziekten.

Waarschijnlijk heb je al gehoord van ‘goede’ en ‘slechte’ cholesterol. Het is de slechte cholesterol die ervoor zorgt dat onze aders dichtslibben. In ons bloed is cholesterol gebonden aan bepaalde partikels die zorgen voor de circulatie of het vervoer van de cholesterol:

LDL-partikels (Low density lipoproteïne): voeren cholesterol naar de weefsels via de bloedvaten. Dit transportpakketje kan zich gaan ophopen aan de binnenkant van onze bloedvaten. Dit is de slechte cholesterol.
HDL-partikels (High density lipoproteïne): brengen het teveel aan cholesterol naar de weefsel, waar het wordt omgezet in galzout, dat nodig is bij de vetvertering.

Een goede verhouding tussen LDL en HDL is belangrijk. Als er teveel LDL is in verhouding tot HDL, dan is de kans groot dat de cholesterol zich ophoopt in de aders.

Tags , ,

Cholesterol en erfelijkheid

Veel mensen hebben afwijkende cholesterolwaarden omwille van een erfelijke aandoening. De meesten weten echter niet dat ze deze aandoening hebben. Het is belangrijk dat ze de juiste behandeling krijgen aangezien het risico op hart- en vaatziekten groot is. Naast een gezonde levensstijl hebben ze ook levenslang medicijnen nodig om hun cholesterolgehalte op een veilig niveau te houden. Bij een adequate behandeling hebben deze patiënten dezelfde levensverwachting als personen zonder deze aandoening.

Er zijn verschillende vormen van erfelijke cholesterolaandoeningen:

Familiaire hypercholesterolemie (FH)

Bij deze aandoening kan de lever minder goed de slechte LDL-cholesterol uit het bloed filteren. Dit komt doordat er aan de buitenkant van de lever minder receptoren zitten die de LDL-cholesterol uit het bloed halen. Zo blijft er meer slechte cholesterol in het bloed circuleren. Een deel van deze patiënten ontwikkelen ook verdikkingen op de pezen (xanthomen) als gevolg van cholesterolophopingen. Je vindt deze xanthomen meestal op de hiel of op de handrug. Wanneer FH niet behandeld wordt, bestaat er een grote kans dat men voor de leeftijd van 40 al een hart- en vaatziekte kan krijgen.

Familiair defectief apolipoproteïne-B (FDB)

Net zoals bij FH haalt de lever ook bij deze erfelijke aandoening de LDL-cholesterol minder goed uit het bloed. De oorzaak ligt hier echter niet bij de receptoren van de lever, maar in afwijkingen van de LDL-deeltjes zelf. Ook hier blijft er dus meer cholesterol achter in de bloedbaan.

Familiair gecombineerde hyperlipidemie (FCHL)

In dit geval produceert de lever te veel vet en cholesterol. Meestal komt deze aandoening pas tot uiting van de leeftijd van 30 jaar. Maar liefst 1 op de 300 personen zou deze aandoening hebben.

Tags , ,
Oudere berichten Nieuwere berichten
Bij www.autoonderdelen24.be kan je voor alles terecht om ook je wagen gezond te houden. Van gereedschap tot reparatietools en onderdelen, je vindt het er het beste voor jouw auto!
© 2026 · goedgezond.be Merken en domeinen zijn eigendom van Internet Ventures. Website beheerd door Volo Media.